Anette werd in 2008 door de Pnielkerk van Veenendaal uitgezonden om missionair-diaconaal werk te doen in Afghanistan. Het verlangen om ‘de zending in te gaan’ begon al vroeg, vertelt ze. Als kind ging ze naar de zondagsschool bij de bekende verteller Rik Valkenburg. Die vertelde zendingsverhalen en daar werd een zaadje geplant: ‘dit wil ik ook doen’. En ze werd missionair-diaconaal werker (MDW’er) voor onze kerken. Ze vertelt hoe ze Gods nabijheid ervoer in de crisistijd van de evacuatie uit Kabul in augustus 2021.

Ontwikkelingswerk in Afghanistan

In Afghanistan werkte Anette jarenlang bij bij een christelijke hulpverleningsorganisatie in het ontwikkelingswerk. Ze wilde daar zijn waar nood was, waar mensen leden aan het leven. Via zelfhulpgroepen ondersteunde ze mensen om in de meest elementaire levensbehoeften te voorzien. Het gaat dan om bijvoorbeeld om schoon drinkwater en hygiëne, maar om nog veel meer. ‘Armoede is niet alleen dat je geen geld hebt om in je bestaan te voorzien. Het is ook dat je geen stem in de samenleving hebt. Je wordt niet gehoord. Daar voorzien deze zelfhulpgroepen in.’

De opmars van de Taliban

In de loop van 2021 begon het spannend te worden in Afghanistan. De Taliban, een extreem conservatieve Islamitische beweging, veroverde diverse districten. De westers georiënteerde regering leek Kabul, de hoofdstad van Afghanistan, wel nog stevig in handen te hebben. Buitenlanders zagen de dreiging, maar verwachten niet dat de Taliban snel zou oprukken. Ook bleven ze hoop houden om hun goede werk te kunnen blijven doen in dit land, volgens Anette. ‘Er werden wel diverse scenario’s opgesteld en archieven werden verbrand. We wilden op geen enkele wijze een gevaar zijn voor onze Afghaanse collega’s. Pensioenen die Afghaanse collega’s hadden opgebouwd, werden tijdig uitbetaald. Maar je hebt je werk, de nood van de bevolking voor ogen… Intussen waren we best bezorgd. Bezorgd dat er gevechten zouden uitbreken in Kabul. Bang voor de mogelijke wreedheden van de Taliban. In de jaren hiervoor waren diverse collega’s, Afghaans en niet-Afghaans, op wrede wijze vermoord. Bang voor vrouwen en meisjes die maar zo op straat gepakt konden worden.’

Stroomversnelling en paniek

In de week voor zondag 15 augustus kwam de opmars in een stroomversnelling. De grote steden Kandahar, Herat en Mazar vielen. Anette vertelt dat het team op donderdagochtend nog werkplannen maakte voor het volgende jaar en al dezelfde avond het besluit viel om te vertrekken. Ze boekten tickets voor de terugvlucht een week later. Er brak paniek uit. Op zondagochtend kreeg ze een bericht dat de Taliban het presidentieel paleis in handen hadden. ‘We zouden die zondagmiddag samen komen om onze situatie aan God op te dragen, maar we durfden niet naar onze kerk te gaan en kwamen samen in huiskringen. En dat was maar goed ook, want die zondagmiddag werd de poort van de compound, waar het kerkgebouw stond, opgeblazen.

Hier is mijn leven!

Anette zal die zondagmiddag nooit vergeten. Ineens breekt alles je bij de handen af en is er rondom je paniek. ‘Ik dacht: ‘Nu gaat het gebeuren. Het gaat echt mis! Maar ook dacht ik: Here, hier is mijn leven!” Ze voelde zich overgeleverd aan de situatie, maar met God besefte ze dat de situatie uiteindelijk niet in handen van de Taliban was, maar in de handen van God. Ze gaf zichzelf over aan God. ‘Maar dan heb je de situatie niet meer in eigen hand,’zegt ze.

Afghanen die in paniek waren, sloegen op het vliegveld alles kort en klein, de terminals, de check-in balies. De commerciële vluchten werden allemaal gecanceld. Alleen het militaire vliegveld was nog open.

Evacuatie in de chaos

Hun organisatie regelde een evacuatievliegtuig. Ze moesten wachten op de oproep om naar het vliegveld te komen. In plaats van dertig kilo bagage mochten ze maar acht kilo meenemen. Op dinsdagochtend kregen ze een telefoontje dat ze konden komen. Met vijf mensen in een taxi reden ze naar het vliegveld, waar ze vast kwamen te zitten in de mensenmassa. De chauffeur ging praten met de Taliban. Op vertoon van het paspoort werd hun een soldaat toegewezen die hun door de mensenmassa heen naar het militaire vliegveld bracht. Daar bewaakten buitenlandse troepen de orde. ‘Dat voelde wel heel dubbel. Een Talib als reddende engel.’ Daarna ging het snel. Ze kwamen boord van een militair vliegtuig zonder stoelen. Ze konden alleen op de vloer zitten. Dat vliegtuig bracht ze het land uit.

Nog eens terug

Augustus 2021 was voor Anette een diep ingrijpende ervaring. Ze kreeg de nodige hulp om het te verwerken en kon in 2022 terug naar Afghanistan, de plaatsen die zo’n impact op haar leven hadden gehad. Inmiddels heeft ze besloten om niet meer te werken in Afghanistan. Anette werkt nu bij een hulpverleningsorganisatie in Nederland.

Levensles

‘De levensles is geweest dat God dáár is, als het erom spant. ‘Hier is mijn leven’ geldt ook voor nu,’ zegt Anette. ‘In alle situaties van het leven. Dat wil ik graag anderen meegeven.’

Deel dit artikel via

Ook interessant voor u