Znoed van Veen-Azad droomde ervan om zich met een Arabische groep te verdiepen in de Bijbel. Haar droom kwam op een bijzondere manier uit.

 In 2010 werd Znoed de eerste niet-Nederlandse leider van een vrouwengroep bij ICF Apeldoorn. In die tijd werkte haar kerk met huisgroepen. De voorganger van de gemeente koos een Bijbelgedeelte uit en maakte daar gespreksvragen bij. Die werden vervolgens in de kringen besproken. Dat gaat nu anders: de kringdeelnemers hebben een actievere rol. Znoed is daar blij mee.

Drie jaar geleden kwam Znoed in contact met Syrische vluchtelingen. Toen ontstond haar droom: ze verlangde ernaar een Arabische Bijbelstudiegroep te vormen. Samen met Samer Younan, die ze kende vanuit Evangelie & Moslims, begon ze met Arabische Bijbelstudies. Znoed vertelt: ‘Er wonen veel katholieke en oosters-orthodoxe vluchtelingen in Apeldoorn. We nodigden niet alleen hen uit, maar de hele wijk. Ook moslims. Er ontstonden mooie contacten.

Door de coronamaatregelen hebben we onze Bijbelkring tijdelijk moeten stoppen, maar ik houd telefonisch contact. Met een vrouw bad ik drie keer per week. Want als er problemen zijn, wil je toch elke dag samen bidden? Bidden met één vrouw werd al snel bidden met twee, drie, vier, vijf, tien … We bidden nog steeds samen.’

Znoed volgde de Filippus-cursus bij Evangelie & Moslims: ‘Met overgave! Ik wist niet dat ik dat nog kon op mijn leeftijd. Maar ik wilde zó graag leren vragen van moslims te beantwoorden. Ook wilde ik weten hoe ik moslims kan vertellen over Jezus als Zoon van God en over de Heilige Geest. Bijbelstudie met Arabische mensen is best een uitdaging. Zij zijn niet zo direct als Nederlanders en niet gewend om hun mening te geven. Je kunt wel vragen: “Vertel eens?” Dat brengt het gesprek op een mooie manier verder.

Ik leerde op de cursus ook hoe ik Bijbelstudies kan leiden. Mét zelfvertrouwen. Zelfs met mannen erbij. Dat is bijzonder, want in de Arabische wereld is het ongebruikelijk dat vrouwen lesgeven aan mannen. Maar iedereen luistert, met open oren.’

Samer besloot zijn werk in Apeldoorn af te bouwen. Daarom vroeg Znoed de Bijbelstudiedeelnemers om zélf Bijbelstudies voor te gaan bereiden. Reacties als: ‘Nooit gedaan’ en ‘Dat durf ik niet’, wuifde ze weg. ‘Gewoon doen!’, zei Znoed. En zo geschiedde.

Ze vervolgt: ‘Inmiddels verzorgen acht à negen mensen Bijbelstudies. Ze lezen hierdoor meer uit de Bijbel en zoeken zelf naar verdieping en uitleg. Het aantal deelnemers groeit, het zijn er al vijftien. Ze zijn meer betrokken en ervaren dat ze erbij horen. Zo sprak ik laatst een Syrische christenvrouw met een moslimachtergrond. Ze was teleurgesteld geraakt in christenen. Toen zij een paar keer een Bijbelstudie had geleid, zei ze: “Nu weet ik het weer, ik hoor bij deze groep!”. Mijn droom is uitgekomen, ik ben heel dankbaar!’

Dit interview verscheen ook in het septembernummer van magazine Doorgeven.

Deel dit artikel via

Ook interessant voor u