Door Wilke den Hertog

Als zendeling op verlof kom ik in allerlei kerken, ik preek van links tot rechts en in het midden zullen we maar zeggen. Naast een aantal dingen die mijn vrouw Marlies en mij opvallen in Nederland en in de kerken, die we soms wat minder positief vinden, wil ik graag iets anders delen in dit verhaal, iets wat ons blij en hoopvol maakt.

Wat mij namelijk ook steeds meer opvalt in de Nederlandse kerken is hoe we in al die verschillende kerken (van links tot rechts en in het midden) steeds meer broeders en zusters tegen komen die enthousiast reageren op verhalen over zending en missionair zijn. Velen van hen zijn zelf ook op zoek hoe ze missionair bezig kunnen zijn. Zo kwamen we in een kerk waar elk jaar 25 mensen van buiten deelnemen aan de Alpha cursus. In andere kerken zoekt men mensen op in nood om hen te helpen en hen ook het evangelie te brengen. In weer een andere plaats vindt elke twee weken straat evangelisatie plaats en is er enorm veel openheid voor het evangelie!

Ik vraag me een beetje af of al die christenen en kerken dat van elkaar weten? Of ze doorhebben dat er door heel de kerken bij verschillende broeders en zusters het verlangen leeft om naar buiten te gaan met het evangelie!

Ik vraag me daarom steeds meer af of God de kerken in Nederland misschien aan het voorbereiden is op iets nieuws, een stap naar buiten!

Een paar jaar geleden las ik een boekje dat ik al jaren in de kast had staan. Het is een boekje van een hoogleraar Missiologie van de V.U. uit 1941, professor J.H. Bavinck. Het boekje werd in 1961 nog een keer herdrukt. Het heet ‘Alzo wies het Woord’. Ik denk dat er weinig boeken zijn die ten onrechte zo onopgemerkt weer uit het zicht verdwenen zijn. Zijn grote punt is dat de kerk niet langer in de verdediging moet, maar in de aanval! Dat was wat de vroege kerk deed, ze ging in de aanval! Ze trad naar buiten.

Anonieme zendelingen, mensen zonder theologische opleiding, met een heel gewoon beroep, kwamen tot geloof in Jezus en gingen het Woord als vanzelf delen in hun eigen omgeving. In hun huizen ontstonden de kerken die we in het Nieuwe Testament tegen komen. Er ging ook veel mis, maar deze mensen werden krachtig gebruikt door de Heilige Geest om ‘het Woord te laten wassen’ (groeien).

Een man als de apostel Paulus werd door God gebruikt om in deze beweging te sturen, maar wat Paulus niet deed was deze beweging frustreren en proberen te stoppen. Integendeel! Paulus zag hoe Gods Geest in deze beweging van ‘gewone’ gelovigen bezig was en hoe zo het koninkrijk werd uitgebreid.

Zou het niet kunnen dat we opnieuw op een punt staan waar we als kerk ‘in de aanval’ mogen en moeten gaan? Zouden we niet dit verlangen dat Marlies en ik in de kerken tegen komen de vrije hand moeten geven en stimuleren? Ook al gaat er dan misschien hier en daar wat mis?

Geven we de Heilige Geest genoeg de ruimte in onze kerken om mensen in te schakelen in zijn missie? Voelen ze zich gestimuleerd en bemoedigd? En krijgen onze predikanten genoeg gelegenheid om dit niet te frustreren, maar er juist volop en dankbaar gelegenheid van te kunnen maken? Door ‘gewone’ gelovigen toe te rusten, te coachen misschien?

Na een aantal jaren op het zendingsveld jeuken mijn handen vaak als ik in Nederland ben, wat een enorme kansen liggen er nu voor de kerken! En wat een enthousiasme bij bepaalde broeders en zusters! Graag zou ik in nog een aantal columns wat delen van de ideeën die ik vanuit het zendingsveld heb en die we daar heel normaal vinden, maar die we om de een of andere reden zo moeilijk durven toe te passen in Nederland.

Ik heb natuurlijk de wijsheid niet in pacht, maar zouden we niet wat kunnen gaan proberen? Net zoals in de vroege kerk de zending door vele anonieme mensen spontaan ‘geprobeerd’ werd en door God gezegend werd? Wat hebben we te verliezen?

Deel dit artikel via

Ook interessant voor u