Een verslag door ds. A.A.L. Aalderink
De tweede vergaderdag van deze week is opnieuw een beladen dag.
Het moderamen heeft enkele voorstellen gedaan waarover vragen gesteld worden. Dat gaat via verschillende rondes. De eerste vragenronde is om informatieve (verduidelijkende) vragen te stellen. Ronde twee geeft gelegenheid om meer inhoudelijke vragen te stellen. In de derde ronde is ruimte om (tegen-)voorstellen of amendementen in te dienen.
In de eerste ronde worden al zoveel vragen gesteld, dat het moderamen bijna anderhalf uur nodig heeft om al die vragen te beantwoorden. De ochtendvergadering is daarmee al gauw voorbij. Het moderamen geeft desgevraagd weer hoe diep de kloof is die dwars door ons kerkverband loopt. Dat laat zien hoe reëel een scheuring is. Deze nood vormt de achtergrond van deze besprekingen.
De tweede ronde hebben zesentwintig afgevaardigden (de helft van alle afgevaardigden) weer spreektijd gevraagd. De bijdragen zijn natuurlijk heel divers, maar wat je wel steeds terug hoort, is de grote zorg om onze kerken. Er is kritiek op voorstellen van het moderamen, maar hoe het dan wel moet? Al zoekend en tastend brengen we zo de middag door.
In de avonduren wordt op dezelfde manier zoekend naar antwoorden vergaderd. Treffend is de uitspraak: “geen enkele oplossing kan gemaakt worden zonder vuile handen te krijgen.” Na een lange dag wordt besloten om morgen verder te gaan om verschillende voorstellen af te handelen.



