Door Ab Mol, zendingswerker in Thailand

Je verwacht van alles in het zendingsleven: cultuurverschillen, onbegrijpelijke tradities, misschien een slang in je schoenen, dubieus voedsel. Maar niemand waarschuwt je voor een spontane knuffel van een dronken dorpsbewoonster die ruikt alsof ze net een rijstwijntour heeft afgerond. Terwijl de muggen hun dinerbuffet al geopend hadden op onze benen, werd dit schouwspel ineens de hoofdact.

Ze wankelde een beetje en was overduidelijk stevig onder invloed. Ze struikelde de ruimte in en aan de geur te merken had ze blijkbaar net een lange ontmoeting met Lao Khao (de lokale rijstwijn) achter de rug. Haar ogen waren rood en waterig, haar glimlach breed en haar fysieke benadering van Pastor Arm en ondergetekende was overenthousiast. Ze leek het compleet logisch te vinden om ons hartelijk aan te begroeten en te knuffelen op manieren die in de hiërarchische Thaise cultuur minstens ongemakkelijk zijn.

Ik observeerde het gepraat van de andere dorpsbewoner. Blikken werden gewisseld, hoofden geschud. ’Wat doet zij nou hier?’ zeiden ze. ‘Als je zo dronken bent kan je beter thuisblijven.’ Hun afkeuring was bijna tastbaar en ik moest toegeven dat mijn eigen ongemak ook niet bepaald onzichtbaar was. Maar tijdens de Bijbelstudie gebeurde het: midden in haar wankelende levenschaos stelde ze knikkend vast: ‘Het is ook voor mij, toch?’

Het was een moment dat me stil deed staan. Lukas 5:30-32 flitste door mijn hoofd. Jezus at met tollenaars en zondaars, tot grote ergernis van de religieuze elite. Hij zei: ‘Niet de gezonden hebben een dokter nodig, maar de zieken. Ik ben niet gekomen om rechtvaardigen te roepen, maar zondaars, opdat zij zich bekeren.’ Daar stond het, zo levensecht als je het maar kunt meemaken.

Ik keek naar haar, met haar rommelige haren en haar tranen van onhandige, misschien door alcohol gestuurde emotie. En ik zag mezelf. Hoe vaak ben ik, op andere manieren, niet net zo gebroken, onhandig en behoeftig voor genade? Terwijl de dorpsbewoners hun oordeel klaar hadden, zag ik in haar iets van waar het evangelie echt over gaat: dat Jezus geen gastenlijst met perfectie heeft, maar juist uitnodigt wie zich misplaatst voelen.

Toen de Bijbelstudie voorbij was wankelde ze weer weg. Maar ik bleef achter met een les die ik nooit zal vergeten. Toen ze vroeg: ‘Het is ook voor mij, toch?’ kwam de echte shock – niet vanwege haar vraag, maar omdat ze letterlijk Lao Khao-adem met theologie combineerde. En eerlijk is eerlijk: hoeveel zendelingen kunnen zeggen dat ze ooit hebben gezien hoe rijstwijn een Bijbeltekst tot leven bracht?

Foto ter illustratie. Het bevat niet de personen die beschreven worden

Deel dit artikel via

Ook interessant voor u