Deputaten vertegenwoordiging hebben onderstaande persverklaring gegeven.

De deputaten vertegenwoordiging van de Christelijke Gereformeerde Kerken spreken hun diepe verdriet uit over de ontwikkelingen rond de Algemene Vergadering die door de kerkenraad van Rijnsburg is uitgeschreven. Door het vormen van ‘classes-in-opbouw’ ontstaat volgens hen een nieuwe kerkelijke structuur naast de bestaande.

Hoewel deputaten de ervaren nood erkennen, stellen zij dat het kerkrecht van de CGK geen ruimte biedt voor het opbouwen van een nieuwe kerkelijke structuur binnen hetzelfde kerkverband. Daarmee ontstaat feitelijk een nieuw kerkverband, ook al wordt dit niet zo benoemd.

Omdat geen formeel oordeel is uitgesproken dat de eenheid in belijden is verbroken, ontbreekt volgens deputaten de principiële grond voor een definitieve scheiding. De huidige ontwikkeling leidt daardoor tot kerkelijke onduidelijkheid en brengt gemeenten in loyaliteitsconflicten.

Deputaten blijven bereid tot gesprek, maar benadrukken dat alleen een generale synode bindende uitspraken kan doen voor het kerkverband.

Toelichting

Zaterdag 21 maart was een dag van groot verdriet voor de Christelijke Gereformeerde Kerken. De diepe verscheurdheid krijgt een formele bevestiging in een tweede synodale structuur. Nu nog wel zonder generale synode, maar met ‘classes-in-opbouw’, als een eerste stap in die richting. Dat betekent een afscheid van gemeenten waarmee tot nu toe een hartelijke band werd beleefd. Deputaten onderkennen de nood, waarin men zich tot deze stap gedrongen zag, en waarmee wij slechts schuldig staan voor de Heere en voor elkaar. Maar zij kunnen, in het licht van wat Schrift en belijdenis leren over de kerk van Christus, ook deze weg niet zien als de uitweg die de Heere ons wijst. Met een tweede classicale structuur ontstaat grote onduidelijkheid over bijvoorbeeld de status van een emeritaatverlening, vertrek en ontvangst van beroepen predikanten, of het examen van een kandidaat-predikant. Collega’s die soms jarenlang samenwerkten en veel van elkaar leerden, zullen elkaar niet meer ontmoeten. Nog meer kansels zullen (over en weer) gesloten worden. En het meest ernstige: tal van middengemeenten, die zich óók houden aan Schrift, belijdenis, kerkorde en synodale besluiten, zullen in een loyaliteitsconflict geraken. Zij zullen zich vroeger of later gedwongen voelen tot een keus, die zomaar tot een scheuring binnen de eigen gemeente kan leiden.

Het lastigste is overigens niet wat de Algemene Vergadering wél heeft uitgesproken, maar wat men níet heeft uitgesproken. Dat betreft het enige wat naar onze overtuiging een formeel definitief uiteengaan zou rechtvaardigen: dat er geen eenheid in belijden meer is met de Christelijke Gereformeerde Kerken die zich niet binden aan het nieuwe synodale verband. Men stelt dat het gezag van de Schrift in het geding is. Aantasting daarvan raakt inderdaad aan het fundament van de kerk. Maar de generale synode van de Christelijke Gereformeerde Kerken heeft dat oordeel nooit geveld, en het wordt ook nu door ‘Rijnsburg’ niet onderbouwd. De Algemene Vergadering lijkt het andere deel van de kerken te accepteren als een gegeven, waarmee afspraken te maken zijn over samenwerking. Maar zolang men zich niet als deelnemer bij ‘Rijnsburg’ voegt, staat de christelijk-gereformeerde identiteit (trouw aan Schrift en belijdenis) van de andere kerken op z’n minst ter discussie. Tekenend is dat het ging om een ‘Algemene Vergadering van de Christelijke Gereformeerde Kerken’. Dit alles leidt intussen tot een diffuus spreken over het kerkverband. Ergens blijft men daarvan spreken, maar er zijn volgens ‘Rijnsburg’ daarbinnen nu twee ‘groepen’ kerken. Dit roept de vraag op: waar is daarin de kerk van Christus, van wie we juist deze weken Zijn diepe weg gedenken om ons zondige mensen te verzoenen met God en elkaar? Deputaten duidden deze ontwikkeling eerder zo dat hiermee feitelijk een nieuw kerkverband ontstaat. Wij kunnen dat ook nu niet anders zien. Ons kerkrecht geeft geen ruimte voor het opbouwen van een nieuwe kerkelijke structuur binnen hetzelfde kerkverband. De komende tijd zal daarnaast duidelijk moeten worden of er een geestelijk-kerkelijke basis kan zijn van activiteiten als de theologische opleiding en de zending, waarvan men gezamenlijke voortzetting wenst. Deputaten vertegenwoordiging blijven bereid tot gesprek, maar alleen de generale synode van Hoogeveen zal over het een en het ander bindende uitspraken kunnen doen.

Deputaten vertegenwoordiging CGK

Deel dit artikel via

Ook interessant voor u